WELLEVENDHEID
EEN HANDBOEKJE VOOR DE CHRISTEN JEUGD
——————

Dit is de digitale versie van een boekje dat ik op 3 juni 2002 voor € 3,- van een boekhandelaar op een rommelmarkt in Enschede heb gekocht. Het is in 1925 in Belgiλ gedrukt. Dit is de vierde uitgave van een in 1911 voor het eerst verschenen boek. De schrijver is een niet bij naam genoemde bestuurder van een opvoedingsgesticht (een tuchthuis). Het voorwoord is geschreven door Cζsar Gezelle, een Vlaamse dichter en neef van de wat bekendere dichter Guido Gezelle.
Omdat ik het een leuk boekje vind en vind dat webzijden als Project Gutenberg en Project Laurens Jz Coster goede initiatieven zijn, besloot ik om een e-tekst van 'Wellevendheid' te maken.

Hoezo leuk?
Boeken over etiquette en dergelijke zijn altijd leuk om te lezen, vooral omdat bijna niemand zich aan de regels houdt. Dit boekje is extra leuk omdat het regels uit een hele andere tijd betreft. Ten tijde van dit boekje waren voetbalvelden nog een nieuwigheid! (VIII.V.1)
Behalve dat, is het ook leuk lezen omdat de schrijver af en toe straffe taal gebruikt. Om zijn woorden kracht bij te zetten en in te spelen op het eergevoel van de lezer, noemt hij iemand die zich niet aan zijn regels bijvoorbeeld een ellendeling (VII.II.6), een lomperd (II.IV.2) of lachlustopwekkend (V.VII.4).
Ook keurt hij soms de heersende mode af, volgens hem zijn handschoenen juist wel modieus (III.II.1) en ontaardt 'tegenwoordig' het gebruik van visietkaarten in misbruik (V.VII.1).
Soms geeft hij ietwat vreemde adviezen en waarschuwingen, je bijvoorbeeld maar beter een smoes verzinnen wanneer iemand je iets te leen vraagt en hij als slordig bekend staat (V.XIII.1).

Wat verder opvalt
Nergens in het boekje wordt iets verteld over de omgang met het andere geslacht. Er wordt een keer wat gezegd over moeders en zusjes, maar daar blijft het verder bij. Aan zo'n gevoelig onderwerp wilde de schrijver zijn vingers waarschijnlijk niet branden, of hij zweeg het onderwerp gewoon dood om geen onzedelijke gedachten op te wekken.

In het boek wordt een aantal maal gewaarschuwd voor onzedelijk gedrag of gedachten, er worden de lezer echter geen aanwijzingen gegeven over wat er precies onder wordt verstaan. Dat zou de lezer natuurlijk ook alleen maar op ideeλn kunnen brengen...

De schrijver was kennelijk een belezen man, ter illustratie gebruikt hij regelmatig citaten (het kan natuurlijk ook zijn dat hij in het bezit was van een goed citatenboek..). Voor de lezers die geinteresseerd zijn in de geciteerden, heb ik een lijst van alle geciteerde personen, met links naar andere webzijden met meer informatie.

Het is gedrukt met toestemming van de katholieke kerk. Op de laatste bladzijde staat 'Nihil Obstat' en 'Imprimatur'. Nihil Obstat betekent 'geen bezwaar' in wil zeggen dat de inhoud niet in strijd is met de katholieke leer en waarden. Na de Nihil Obstat is een Imprimatur, wat 'laat het gedrukt worden' betekent, toegekend waarmee de uiteindelijk toestemming voor het drukken van het boek werd gegeven. Gewoonlijk werd het boek gecontroleerd door een bisschop.

De vorige eigenaar
Een van de vorige eigenaren van dit exemplaar van 'Wellevendheid' heeft wat op het titelblad geschreven. Volgens mij staat er 'Rijkaert Albert, Normaalschool' gevolgd door de plaats waar deze was gevestigd. Er staat 'Thourout', maar dat moet 'Thourhout' wezen (De eigenaar was dus niet zo'n goede leerling ;-). Thourhout is een verfranste versie van de plaatsnaam Torhout, wat ongeveer 15 km van Brugge vandaan ligt. Een normaalschool is een bepaald type opleiding voor leraar in het lager onderwijs (misschien was dit boekje wel lesmateriaal!). In Torhout is sinds 1846 een normaalschool gevestigd. Die normaalschool bestaat nu nog steeds en maakt tegenwoordig deel uit van een scholengemeenschap.

Digitalisering
Het boekje is naar een e-tekst omgezet via scannen, OCR, een grondige controle en aanpassing van de layout. Het was niet praktisch om voor de webzijde dezelfde indeling als van het boekje te gebruiken. In plaats van per bladzijde (er zijn er 111), heb ik in de webzijde de tekst per paragraaf neergezet. De inhoud is zo letterlijk mogelijk overgenomen. De afbreeksteepjes aan het eind van de regels heb ik wel verwijderd (tenzij ik dacht dat het woord destijds met een verbindingsstreepje werd gespeld). Ik heb vast wel een paar fouten gemaakt, maar als er iets vreemds in de tekst staat, dan is het waarschijnlijk dat het in het origineel ook zo stond. Er zijn in elk geval een tweetal hoofdstukken verkeerd genummerd, op een paar plaatsen klopt de interpunctie niet helemaal en eenmaal mist er bij een woord een 'n' (I.IV.3), wat de betekenis van de zin nogal overhoop haalt :-)

Auteursrechten
Hoofdstuk I, Afdeling 1, Art. 2. § 3 van de Wet betreffende het auteursrecht en de naburige rechten van Belgiλ zegt:

Voor anonieme of pseudonieme werken bedraagt de duur van de rechten van de auteur zeventig jaar vanaf het tijdstip waarop het werk op geoorloofde wijze voor het publiek toegankelijk is gemaakt.

Aangezien de schrijver van het boek slechts wordt genoemd als zijnde 'den bestuurder van een opvoedingsgesticht' en dit boekje in 1925 is uitgegeven, is het dus vrij van auteursrechten.

Beschikbaarheid
Voor wie het eens rustig offline wil lezen is 'Wellevendheid' in verschillende bestandsformaten beschikbaar:
TXT"Plain Vanilla ASCII", simpeler kan het niet, 146 kb.
RTFRich text formaat, kan door nagenoeg elke tekstverwerker wel gelezen worden, 223 kb.
HTMLDeze webzijde, maar dan zonder mijn geblaat. Gezipt, 186 kb.
DOCMicrosoft Word doc-formaat, 165 kb.
PapierHet is op papier beschikbaar als je een van bovenstaande bestanden uitprint ^_^ Maar, de Universiteitsbibliotheek van Katholieke Universiteit Nijmegen heeft ook een exemplaar van dit boek in haar bezit. De locatiecode is TBI 56 c 59

Altijdwacker
Deze website is een onderdeel van altijdwacker.nl

TITELBLAD

INHOUDSTAFEL :


TER INLEIDING, door Cζsar Gezelle

HOOFDSTUK I. — De Wellevendheid
I. — Wat zij is
II. — Haar gewicht
III. — Haar voorwerp
IV. — Het karakter

HOOFDSTUK II. — Het Lichaam
I. — Gang en houding
II. — Hoofd, ooren en haar
III. — Aangezicht en voorhoofd
IV. — Wangen en neus
V. — De oogen en de blik
VI. — Mond, lippen, tanden en tong
VII. — Rug, schouders en armen
VIII. — Handen, vingers en nagels
IX. — Beenen en voeten

HOOFDSTUK III. — De Opschik
I. — Opstaan en slapengaan
II. — Hoe men zich moet kleeden
III. — Handschoenen en hoed

HOOFDSTUK IV. — De Maaltijden
I. — Het voedsel
II. — Vσσr den maaltijd
III. — Bediening en tafelgereedschap
IV. — Houding aan tafel
V. — Verschillende wenken
VI. — Soep en tafeldrank
VII. — Hoe men eet
VIII. — Het einde van den maaltijd

HOOFDSTUK V. — Betrekkingen
I. — Onze plichten
II. — In de kerk
III. — Het huis waar men zijne opvoeding ontvangt
IV. — Bezoeken
V. — Bezoeken die men aflegt
VI. — Bezoeken die men ontvangt
VII. — Visietkaarten
VIII. — Groet; handdruk
IX. — Op straat
X. — Op reis
XI. — Toevallige betrekkingen
XII. — Leenen en ontleenen

HOOFDSTUK VI. — Gesprekken
I. — Stem en uitspraak
II. — Sierlijke taal
III. — De kunst, een gesprek te voeren
IV. — De kunst, te luisteren
V. — Iemand in de rede vallen; antwoorden
VI. — Wat uit zedelijk oogpunt betaamt
VII. — Ons gedrag jegens den naaste
VIII. — Babbelaars
IX. — Het « ik »
X. — Lofuitingen

HOOFDSTUK VII. — Briefwisseling
I. — Vorm onder letterkundig oogpunt
II. — De uitwendige vorm
III. — Opschrift en adres
IV. — Het slot van den brief
V. — Postzegel en verzending
VI. — Kleine briefjes

HOOFDSTUK VIII. — Uitspanning
I. — Lezen
II. — Muziek
III. — Wandelen
IV. — Spelen binnenhuis
V. — Spelen in de open lucht

BESLUIT